Verklaring DBR op 26 november 2014

Geachte commissie
Dorpsbelang BMR vindt het een medemenselijke verantwoordelijkheid om mensen die vluchten en huis en haard hebben moeten verlaten om in veiligheid te komen te helpen en onderdak te bieden.
De vraag is hoe doe je dat netjes?
Op 13 oktober heeft Dorpsbelang Bakhuizen, Mirns en Rijs 36 vragen over de voorgenomen vestiging van een AZC of POL voorgelegd aan B&W en het COA.
Op 7 november kregen wij schriftelijke antwoorden van de gemeente met op 18 november een aanvulling daarop van het COA
De beantwoording door zowel de gemeente als het COA is meer dan onbevredigend. Een voorbeeld:
(alle andere vragen en antwoorden kunt u terugvinden op www.bakhuizen.nl
Gaan de plannen bij gebrek aan draagvlak in de omgeving door?
Ja, de plannen gaan door. Voor de goede orde herhalen we nog dat de burgemeester heeft gesteld dat hij zich niet kan voorstellen dat het COA een AZC realiseert zonder draagvlak. Het COA maakt, zoals blijkt, gebruik van de mogelijkheden. Aanvulling door COA: ook het COA vindt draagvlak belangrijk, maar door de actuele omstandigheden, waarin we in korte tijd voor veel mensen een opvangplek moeten realiseren, bevinden wij ons niet in de situatie dat we het gebruikelijke traject van verwerving van opvangcapaciteit kunnen doorlopen. Met andere woorden: we hebben alle opvangplekken die we kunnen gebruiken heel hard nodig. Dat we asielzoekers in Rijs willen gaan opvangen is duidelijk, maar we willen er alles aan doen om dat op een dusdanige manier te doen, dat de omgeving er zo min mogelijk overlast van zal ondervinden. Wij zijn ons er van bewust dat de komst van een opvanglocatie voor asielzoekers onrust teweeg brengt, zeker in een kleine gemeenschap zoals Rijs is. Het zal voor iedereen erg wennen zijn. We zullen onze uiterste best doen om dat wennen zo goed mogelijk te laten verlopen
Is er sprake van een verhoogd veiligheid risico (diefstal/inbraken/aanranding/vernieling etc.) in de wijde omgeving van een AZC en op een AZC?
Over de veiligheidsaspecten bij AZC’s in algemene zin kunnen we op dit moment geen harde wetenschappelijk of feitelijk onderbouwde uitspraak doen. We hechten er wel aan op te merken dat er met betrekking tot vestigingen die er voorheen in de gemeente waren geen bijzondere problemen zijn ervaren.
Aanvulling door COA, in aansluiting op het bovenstaande: ook elders in Nederland krijgen wij van de politie terug dat er geen bijzondere problemen worden ervaren rondom asielzoekerscentra.
Kan er sprake zijn van economische schade in de omgeving door de komst van een AZC? (waarde vermindering, vermindering bezettingsgraden etc.)
Er is geen sprake van wijziging van het bestemmingsplan dus ook niet van planschade wegens (onevenredige) waardedaling. Eventuele overige claims of aanspraken vinden we een onderwerp voor het COA. (zie het kernenbeleid)
Aanvulling door COA: of er sprake is van economische schade in de omgeving van een azc is niet aangetoond.
Onze belangrijkste gesprekspartner de Gemeente de Friese Meren, heeft stelselmatig beweert bij de beslissing om een AZC of POL in Rijs te vestigen daarin geen partij te zijn. Vanuit het COA wordt dit ontkent. Wie moeten wij nu geloven? (Annette Boumeester, Anneke Haarsma)
Feit is dat, alle vragen en bezwaren ten spijt, het COA, zonder overleg vooraf, rucksichtslos zijn plannen over Rijs wil walsen. Dat kan alleen als de gemeente dat toestaat.
Wij noemen dit onbehoorlijk bestuur van de zijde van het COA en de gemeente want
• Er is geen sprake van overleg voorafgaande aan besluiten
• Er is geen sprake van een verantwoorde belangen afweging
• Er is geen openheid, eerlijkheid en transparantie
Wij DB BMR eisen behoorlijk bestuur.
Aan behoorlijk bestuur liggen beginselen ten grondslag verankert in de Algemene wet bestuursrecht o.a. te lezen op de website van de raad van state
Het zorgvuldigheidsbeginsel. Bij de voorbereiding van een besluit vergaart het bestuursorgaan de nodige kennis omtrent de relevante feiten en de af te wegen belangen. De overheid moet dus een besluit zorgvuldig voorbereiden en nemen: correcte behandeling van de burger, zorgvuldig onderzoek naar de feiten en belangen, procedure goed volgen en deugdelijke besluitvorming (art. 3:2 Algemene wet bestuursrecht)
Fair-play-beginsel. De overheid moet zich onpartijdig opstellen bij het nemen van een besluit en moet de noodzakelijke openheid en eerlijkheid in acht nemen (art. 2:4 Awb).
Vertrouwensbeginsel. Wie op goede gronden -bijvoorbeeld na een duidelijke toezegging- erop mag vertrouwen dat de overheid een bepaald besluit neemt, heeft daar ook recht op.
Alle 3 beginselen zijn naar ons oordeel in grove mate geschonden en dat kan niet in een democratische rechtstaat. In deze tijd van afbrokkelende waarden en normen moet de overheid het goede voorbeeld geven en dat gebeurt hier niet.
En dan is er nog het Kernen beleid, aangenomen door deze zelfde raad.
Met ons dorpen,- stads,- en wijkenbeleid willen wij samen met de inwoners de fysieke, de sociale en de economische leefbaarheid in stand houden en daar waar nodig verbeteren. Op mijn vraag of het stichten van een AZC in Rijs hiermee in strijd is werd dit door de wethouder beaamd. De gemeente handelt dus in strijd met haar eigen beleid als zij een AZC toestaat.

DB BMR is van mening dat de gemeente DFM en het COA met haar huidige aanpak moet stoppen en een open en transparant proces in gang moet zetten waarbij alle belanghebbende partijen vooraf inspraak kunnen hebben in het uiteindelijk doel en dat is naar ons oordeel:
Een passend AZC waarin de AZC bewoners zich welkom voelen en een betrokken en goed voorbereide omgeving ervaren.
DB BMR

  

                                          Klik hier voor meer informatie