-Aanvulling op de berichtgeving van 7 november 2014-

Bakhuizen, 20 november 2014

Toelichting:
Hieronder vindt u de vragen die door Dorpsbelang Bakhuizen, Mirns en Rijs op 13 oktober 2014 aan de gemeente De Friese Meren en het COA zijn gesteld. In het rood vindt u de reactie van de gemeente op deze vragen d.d. 7 november 2014 en in het blauw de aanvullende antwoorden van het COA ontvangen op 18 november 2014. De vragen en antwoorden zijn bij elkaar gevoegd om de leesbaarheid te bevorderen.

13 Oktober 2014
Vereniging van Dorpsbelang Bakhuizen, Mirns en Rijs.
Vragenlijst met betrekking tot de voorgenomen vestiging van een AZC in het complex Mooi Gaasterland te Rijs.
Te beantwoorden door de gemeente De Friese Meren en/of het COA.
Antwoord gemeente, datum 7 november 2014 in rood:
Aanvullende antwoorden COA, datum 18 november in blauw

Geacht bestuur,
Via de griffie van de gemeenteraad ontvingen we heden uw mail, met in de bijlage een aan ons gerichte brief. In dit antwoord gaan we op de aspecten uit uw brief in.

Procedure

U schrijft dat u een aantal malen hebt aangedrongen op het beantwoorden van vragen. Dat is niet onze beleving. Wethouder Durksz heeft uw voorzitter in enkele telefoongesprekken op de hoogte gesteld van de feiten en de voortgang. Daarbij is tevens gesteld dat een aantal vragen niet op dat moment beantwoord konden worden. In het laatste gesprek op 3 november jl. is tevens de beantwoording van vragen op een te houden bijeenkomst van COA en gemeente samen aan de orde geweest. Nu, zoals gesteld, uw beleving anders is, zullen we op de vragen waarop van gemeentezijde op dit moment een antwoord mogelijk is, alsnog schriftelijk in gaan.

Point of no return

Op 3 november zond wethouder Durksz u zowel een (concept) persbericht als een afschrift van de informatie die het college die dag aan de gemeenteraad heeft gezonden. Daarin staat dat het COA verwacht op zeer korte termijn een contract met de eigenaar van Mooi Gaasterland te sluiten. Deze passage is gebaseerd op een mededeling van het COA. De gemeente staat zoals u weet buiten deze transactie. Aan uw eis dat de transactie geen doorgang vindt kunnen we dan ook niet voldoen.

Vervolg

Zoals u bekend is houden gemeente en COA een informatie-avond in de tweede helft van deze maand. Zoals het nu staat wordt die avond of op 18 november, dan wel op 24 november gehouden. Bij die gelegenheid zal het COA nader in gaan op de toekomst van dit AZC, maar ook op de activiteiten die daar voor het COA bij horen. De gemeente zal vooral kunnen ingaan op de onderwerpen die voor rekening van de gemeente zijn, zoals de organisatie van een onderwijsvoorziening en de veiligheid in het algemeen.

Antwoord van de gemeente op uw vragen

U weet dat we uw vragen aan het COA hebben voorgelegd. Het COA heeft u laten weten daarop antwoorden te zullen verzorgen. Voor zover wij op dit moment op uw vragen kunnen in gaan treft u de antwoorden hieronder aan:

1. Algemeen
a. Wat is de status van de plannen?
Het COA is van plan asielzoekers te huisvesten. We hebben dat u afgelopen maandag na het overleg zowel telefonisch als per mail laten weten.
b. Welke invloed heeft de bezorgdheid/onrust van de omgeving op deze plannen?
Wij snappen de bezorgdheid en de daarmee samenhangende onrust. Desalniettemin moeten we vaststellen dat het de eigenaar en het COA vrij staat een afspraak te maken. De gemeente staat buiten een dergelijke afspraak.
c. Hoe wordt overleg en informatie voorziening ingericht?
Het COA heeft de gewoonte om samen met buurt en gemeente een overlegstructuur in het leven te roepen. Daarover kan meer duidelijk worden op de informatie bijeenkomst.
d. Gaan de plannen bij gebrek aan draagvlak in de omgeving door?
Ja, de plannen gaan door zoals onder a en b uiteengezet. Voor de goede orde herhalen we nog dat de burgemeester heeft gesteld dat hij zich niet kan voorstellen dat het COA een AZC realiseert zonder draagvlak. Het COA maakt, zoals blijkt, gebruik van de mogelijkheden.
e. Als draagvlak van invloed is hoe wordt dit dat vastgesteld.
Wij vinden draagvlak belangrijk, maar stellen vast dat de vraag of dat een afwegingspunt is bij het COA ligt. Wij stellen voor dat u deze vraag nogmaals voorlegt aan het COA. Wij sturen daartoe dit antwoord tevens aan het COA.
Aanvulling door COA: ook het COA vindt draagvlak belangrijk, maar door de actuele omstandigheden, waarin we in korte tijd voor veel mensen een opvangplek moeten realiseren, bevinden wij ons niet in de situatie dat we het gebruikelijke traject van verwerving van opvangcapaciteit kunnen doorlopen. Met andere woorden: we hebben alle opvangplekken die we kunnen gebruiken heel hard nodig. Dat we asielzoekers in Rijs willen gaan opvangen is duidelijk, maar we willen er alles aan doen om dat op een dusdanige manier te doen, dat de omgeving er zo min mogelijk overlast van zal ondervinden.
Wij zijn ons er van bewust dat de komst van een opvanglocatie voor asielzoekers onrust teweeg brengt, zeker in een kleine gemeenschap zoals Rijs is. Het zal voor iedereen erg wennen zijn. We zullen onze uiterste best doen om dat wennen zo goed mogelijk te laten verlopen.
f. Is in Rijs sprake van een permanente opvangplek voor gezinnen (zie brief nr 1605 van staatssecretaris Teeven)?
Wij weten niet of sprake zal zijn van de opvang van gezinnen. We hebben die vraag uiteraard namens u aan de vertegenwoordigers van het COA gesteld. Feit is dat het COA ons heeft geantwoord nog geen mededelingen te kunnen doen over de samenstelling van de toekomstige populatie van het AZC.
Aanvulling door COA: de bezetting van onze opvanglocaties is zeer afhankelijk van de instroom van asielzoekers. Het is moeilijk te voorspellen of die instroom bestaat uit voornamelijk alleenstaanden, of meer uit gezinnen. Over het algemeen streven we er naar een mix van alleenstaanden en gezinnen.

g. Zo niet, wat zal de bevolkingssamenstelling (mannen/vrouwen/meisjes/jongens/land van herkomst/aantallen) naar verwachting zijn?
Zie f
Aanvulling van COA: In algemene zin bestaat de samenstelling op een azc vaak uit 60% alleenstaanden/stellen en 40% gezinnen.
Bezetting centrale opvang naar leeftijdsgroep op 3 november 2014

Leeftijdsgroep Mannelijk Vrouwelijk Totaal
0 t/m 3 jaar 907 851 1.758
4 t/m 11 jaar 1.426 1.304 2.730
12 t/m 17 jaar 1.675 800 2.475
18 t/m 29 jaar 5.924  2.336 8.260
30 t/m 39 jaar 3.760 1.542 5.302
40 t/m 49 jaar  1.807 761 2.568
50 t/m 59 jaar 594 341 935
60 jaar en ouder  273 270 543
Totaal  16.366 8.205 24.571


h. Als sprake is van een ingewilligde asielaanvraag zorgt DFM dan voor huisvesting in de gemeente? En zo ja, is er dan voldoende woonruimte beschikbaar?
De huisvesting van asielzoekers die recht hebben op een woning na toekenning van een definitieve verblijfsvergunning is een landelijke aangelegenheid. Er is dus geen relatie tussen het AZC en druk op woningen in deze gemeente.
i. Als er geen woonruimten beschikbaar zijn wat gebeurt er dan?
Zie h
j. Wat is de gemiddelde verblijfsduur in een AZC zoals in Rijs wordt gepland?
Deze vraag kunnen we niet beantwoorden. Dat is een vraag voor het COA.
Aanvulling van COA: de gemiddelde verblijfsduur in een opvanglocatie van het COA is afhankelijk van verschillende factoren. In een locatie waar mensen opgevangen worden die wachten op de start van hun asielprocedure ligt de gemiddelde verblijfsduur momenteel enkele maanden. Dit omdat door het hogere aantal aanvragen de wachttijd tot de start van de procedure toegenomen is. In een opvanglocatie waar mensen na hun asielprocedure verblijven wonen mensen die oftewel terug moeten keren naar land van herkomst, of met een verblijfsvergunning doorstromen naar een woning in een gemeente ergens in Nederland. De doorstroom naar woningen is afhankelijk van het woningaanbod. De wachttijd voor een woning is bijvoorbeeld mede afhankelijk van de gezinsgrootte. Dat maakt het lastig om een gemiddelde verblijfsduur te geven.

2. Veiligheid.
a. Is er sprake van een verhoogd veiligheid risico (diefstal/inbraken/aanranding/vernieling etc.) in de wijde omgeving van een AZC
en op een AZC?
Over de veiligheidsaspecten bij AZC’s in algemene zin kunnen we op dit moment geen harde wetenschappelijk of feitelijk onderbouwde uitspraak doen. We hechten er wel aan op te merken dat er met betrekking tot vestigingen die er voorheen in de gemeente waren geen bijzondere problemen zijn ervaren.
Aanvulling door COA, in aansluiting op het bovenstaande: ook elders in Nederland krijgen wij van de politie terug dat er geen bijzondere problemen worden ervaren rondom asielzoekerscentra.
b. Zo ja, wat zijn de preventieve maatregelen die worden uitgevoerd.
De vestiging is vanzelfsprekend nader onderwerp van gesprek met politie en justitie.
c. Hoe wordt voorkomen dat terroristen infiltreren?
Het voorkomen van “infiltratie van terroristen” is een landelijk georganiseerde overheidstaak.
d. Hoe worden eventuele slachtoffers gecompenseerd immers zal het verhalen op de dader in de meeste gevallen niet kunnen.
Wij rekenen het beantwoorden over de op de toekomst gerichte vraag over compensatie van slachtoffers niet tot onze taak.
Aanvulling door COA: in het geval er sprake is van een strafbaar feit gepleegd door een asielzoeker, dan gelden dezelfde regels als voor andere inwoners van Nederland: er kan aangifte gedaan worden en indien aan de orde wordt het strafrecht gevolgd, met bijbehorende eventuele compensatieregelingen.

3. Werkgelegenheid
a. Asielzoekers met verblijfsvergunning mogen 24 weken betaald werken. Hoe wordt voorkomen dat er sprake zal zijn van verdringing op de arbeidsmarkt van wit- maar vooral van zwart werk in de regio. (schoonmaken /tuinwerk)
De rechten van asielzoekers en het bewaken van de grenzen daarvan vinden we een vraag voor het COA.
Aanvulling door COA: het controleren van illegaal verrichten van arbeid is geen taak van het COA. Bij verdenking van het plegen van een strafbaar feit worden de regels gevolgd die voor elke inwoner van Nederland gelden, zie de beantwoording van vraag 2d.

b. Biedt het AZC ook werkgelegenheid aan de omgeving? (In het kader van: niet alleen de lasten maar ook de lusten)
Zie a
Aanvulling door COA: een opvanglocatie biedt werk aan ongeveer vijftien COA-medewerkers (op een locatie van 400 personen). Daarnaast werken er medewerkers van verschillende door het COA ingehuurde diensten, zoals een beveiligingsorganisatie en een medische dienst. Eventuele vacatures staan uiteraard ook voor mensen uit de omgeving open. Ook is er altijd behoefte aan vrijwilligers voor het begeleiden van activiteiten.

c. Vallen asielzoekers onder de Nederlandse arbeidswetgeving? (minimumloon, arbo etc.)
Zie a
Aanvulling door COA: asielzoekers mogen onder bepaalde voorwaarden betaald werk verrichten, en vallen dan onder de Nederlandse arbeidswetgeving.


4. Economische effecten omgeving
a. Kan er sprake zijn van economische schade in de omgeving door de komst van een AZC? (waarde vermindering, vermindering bezettingsgraden etc.)
Er is geen sprake van wijziging van het bestemmingsplan dus ook niet van planschade wegens (onevenredige) waardedaling. Eventuele overige claims of aanspraken vinden we een onderwerp voor het COA.
Aanvulling door COA: of er sprake is van economische schade in de omgeving van een azc is niet aangetoond.

b. Zo ja, voor wiens rekening komt deze schade?
Zie a, tevens wat betreft aanvulling door COA

c. Hoe wordt een eventuele schade vastgesteld?
Zie a, tevens wat betreft aanvulling door COA

d. Als er sprake is van inkomsten derving, wordt deze, en zo ja hoe, gecompenseerd?
Zie a
Aanvulling door COA: hier is geen ervaring mee / jurispredentie over

 

5. Sociale effecten
a. Als een groep van 400 asielzoekers met andere culturele achtergronden en andere zeden, gewoonten, en religie wordt geplaatst in een omgeving als die in Rijs (170 mensen in de directe omgeving en 1370 in BMR) wat kan dat voor een gewenste en ongewenste effecten hebben?
Wij kunnen geen uitspraak doen over gewenste of ongewenste effecten. We stellen voor dat u die vraag aan het COA stelt. Deze organisatie heeft landelijk ervaring met effecten op de omgeving.
Aanvulling door COA: onze ervaring is dat het overgrote merendeel van onze bewoners op zoek zijn naar rust, in een veilige omgeving. Waar mogelijk voeren zij hun eigen huishouding op de opvanglocatie. Daarnaast hebben ze net als ieder ander contacten met familie, vrienden en bekenden, kinderen in de leerplichtige leeftijd gaan naar school, en in de overige tijd recreëert men, men doet aan sport. Voor sommige mensen is de nieuwe omgeving, in een onbekende cultuur met onbekende gewoonten, even wennen. Dat kan ongebruikelijke situaties in de omgeving geven – ook de omgeving moet wennen aan de nieuwe mensen in de buurt. Wij spannen ons altijd tot het uiterste in om dat wennen zo soepel mogelijk te laten verlopen. Dat doen we door met onze bewoners te praten en hen te wijzen op de gebruiken en gewoonten in de omgeving. Daarvoor is het wel van belang dat we een goed beeld hebben van wat er in de omgeving speelt. Onze opvanglocaties zijn zeven dagen per week 24 uur per dag bereikbaar om zaken door te geven, waar wij in de begeleiding van de bewoners op in kunnen spelen.

b. In b.v. Bakhuizen zijn er in het verleden diverse incidenten geweest t.a.v. “vreemdelingen” Ook zijn er met oud en nieuw traditionele maar soms ongewenste gebruiken (kalken). Hoe wordt voorkomen dat dit leidt tot botsingen met bewoners van het AZC.
Zie a. ook wat betreft de aanvulling door COA.

6. Scholing
a. Er is bij asielzoekers kinderen sprake van leerplicht. Wordt op het AZC een school ingericht?
Ja, er is sprake van leerplicht. De gemeente is verantwoordelijk voor het bieden van de mogelijkheid van basis onderwijs. Dat zal samen met een of meer onderwijsinstellingen vorm worden gegeven.
b. Zo nee, moeten scholen in de omgeving de kinderen opvangen? ( b.v. Bakhuizen, Hemelum, Oude Mirdum)
Zie a
c. Hoe wordt met de taalproblematiek omgegaan?
Zie a
d. Hoe wordt met trauma problematiek van kinderen omgegaan?
Voor zover dat buiten de scholing valt, heeft het AZC een rol.
Aanvulling door COA: waar duidelijk wordt dat kinderen kampen met traumaproblematiek, worden zij door het COA verwezen naar het Gezondheidscentrum Asielzoekers, het GC A. Deze door het COA ingehuurde medische dienst kan indien nodig verder doorverwijzen naar specialistische hulp. Het COA biedt alle kinderen op haar opvanglocaties geregeld weerbaarheidstrainingen aan.

e. Wie betaalt de financiële consequenties? (extra leerkrachten etc.)
De gemeente(aanvulling door COA: die hiervoor een vergoeding van COA / het Rijk krijgt).

7. Gezondheidszorg
a. Moet de reguliere gezondheidszorg de extra klandizie opvangen?
b. Is daarvoor voldoende capaciteit?
a/b De medische zorg aan bewoners van een asielzoekerscentrum sluit zoveel mogelijk aan bij de reguliere zorg in Nederland. Net als ieder ander kunnen asielzoekers naar de huisarts, verloskundige of ziekenhuis. Voor COA-medewerkers is een belangrijke taak weggelegd in het wegwijs maken van de asielzoekers in de wijze waarop de zorg in Nederland georganiseerd is. Voor huisartsenhulp kan de asielzoeker terecht bij het Gezondheids-centrum Asielzoekers (GC A). Het GC A is een landelijk opgezette huisartsenpraktijk. Het is het eerste aanspreekpunt voor de medische zorg aan asielzoekers. Alle bewoners worden bij het GC A ingeschreven en aan deelnemende huisartsen toegewezen. De huisarts zorgt waar nodig voor doorverwijzingen naar een specialist. Op locaties van het COA zijn inloopspreekuren waar bewoners terecht kunnen bij een dokter en/of doktersassistent(e). Er is ook een medisch callcenter waar asielzoekers 24 uur per dag met vragen over hun gezondheid terecht kunnen: de GC A Praktijklijn. De publieke gezondheidszorg is in handen van de GGD. Deze zorg is met name gericht op preventie, voorlichting en screening. De medische zorg aan asielzoekers staat onder toezicht van de Inspectie voor de Gezondheidszorg, die gevraagd en ongevraagd advies uitbrengt aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

c. Hoe wordt omgegaan met specifieke gezondheidsproblemen zoals traumaverwerking als gevolg van b.v. oorlogssituaties.
A tot en met c. Dat zijn vragen voor het COA.
Indien er mensen zijn die psychische hulp nodig nodig hebben dan volgt er via het GC A een doorverwijzing naar professionele hulpverleningsinstanties.


8. Ervaringen in met Rijs vergelijkbare situaties
a. Zijn er met de situatie in Rijs vergelijkbare situaties geweest nu of in het verleden?
b. Wat zijn daar de ervaringen met bovengenoemde issues?
c. Hoe is de case AZC Rekken gemanaged.
A tot en met c:
Nee. Wel zijn er AZC vestigingen van enige omvang in Joure en Lemmer geweest.
Rond deze vestigingen (zie ook vraag 2) zijn ons geen ervaringen van negatieve aard bekend.


9. Overige zaken
a. Hoe kunnen de inwoners van BMR worden betrokken bij het AZC
De betrokkenheid van inwoners en de vormgeving daarvan kan een prima bespreekpunt zijn tijdens de informatieavond.
b. Hoe kunnen ondernemingen betrokken worden bij het AZC.
Dat geldt ook voor ondernemingen.


Tot slot
We waarderen uw betrokkenheid resp. uw rol als onze gesprekspartner. Voor zover uw en onze beleving over het tijdstip en de wijze van beantwoorden van bij u levende vragen uiteen liepen, hopen we dat nu uit de wereld te hebben. We beschouwen de vestiging van een AZC als een gegeven Over diverse hiermee samenhangende aspecten blijven we graag met u in direct contact. Tevens verwijzen wij nogmaals naar de komende informatieavond. Wij zien het als onze taak om, liefst samen met u, te zorgen voor een situatie waarin asielzoekers zich in onze gemeente en gemeenschap welkom weten. In dat opzicht sluiten we graag aan bij diverse positieve initiatieven die er inmiddels zijn.

Het college van burgemeester en wethouders,
etc

 

 

 

 

 

 

 

 

  

                                          Klik hier voor meer informatie